Een recht op onteigening bestaat niet aldus (ook) Hof Arnhem-Leeuwarden

22 juni 2020 | Blog

Een sierplantenkweker met een eigendomsperceel te midden van pachtpercelen beroept zich in appel op misbruik van bevoegdheid omdat de gemeente Beverwijk weigert om zijn eigendomsperceel, gelegen binnen het te realiseren bestemmingsplan, te onteigenen. De pachtkamer van het Hof Arnhem-Leeuwarden overweegt dat een recht op onteigening niet bestaat (evenals het Hof Den Bosch; zie dit blog).

Les voor de praktijk

Een gemeente is niet verplicht om te onteigenen om een bestemming te realiseren. Zij mag dat aan de grondeigenaar overlaten. Een plicht tot en een recht op onteigening bestaat namelijk niet, behalve in geval vaneen mogelijk terecht beroep op het gelijkheidsbeginsel.

Wat speelde hier?

Een sierplantenkweker pacht drie percelen van de gemeente Beverwijk. Te midden van deze pachtgronden heeft hij een perceel in eigendom, deels in gebruik voor de teelt, met daarop een woonhuis en bedrijfsgebouwen. In 2017 heeft de gemeente Beverwijk de pachtovereenkomst tegen 31 december 2020 opgezegd omdat zij op de verpachte gronden het zuidelijk deel van een nieuwbouwwijk wil realiseren. De kweker verzet zich tegen opzegging en vordert een schadeloosstelling. De pachtkamer heeft in eerste aanleg de vordering van de gemeente toegewezen per 31 december 2020. In appel beroept de kweker zich (onder meer) op misbruik van bevoegdheid door de gemeente Beverwijk omdat de gemeente weigert zijn eigendomsgronden die binnen het bestemmingsplan zijn gelegen, te verwerven. Om die reden kan het bestemmingsplan niet worden verwezenlijkt en ruïneert de gemeente bovendien zijn bedrijf, aldus de kweker.

Wat overweegt het hof?

Volgens het hof gaat het argument van de kweker dat de gemeente het bestemmingsplan niet kan realiseren zonder zijn eigendomsgrond niet op. Daarom kan misbruik van bevoegdheid volgens het hof alleen nog zien op het argument van de kweker dat de gemeente aanstuurt op beëindiging van de pachtovereenkomsten terwijl zij weet dat de kweker zijn bedrijf niet kan voortzetten en geen compensatie biedt voor de bedrijfsbeëindiging op de huidige locatie. Het hof is door partijen op de hoogte gehouden van de onderhandelingen. De inzet van deze onderhandelingen is verplaatsing van het bedrijf inclusief een schadeloosstelling op grond van de onteigeningswet, waarbij ook beëindiging van de pacht is meegenomen. Daartoe heeft de gemeente onafhankelijke taxaties laten verrichten. In dit handelen ziet het hof geen aanknopingspunt voor misbruik van bevoegdheid: ‘Het enkele feit dat [appellante] zich blijkbaar niet in de getaxeerde waarden kan vinden, en de onderhandelingen stokken, maakt niet dat de gemeente misbruik van haar bevoegdheid maakt door (dan) te kiezen voor beëindiging van de pachtovereenkomst via de rechter, zonder tegelijkertijd tot onteigening over te gaan.’ Ingevolge passief grondbeleid van de gemeente mag de kweker zijn eigendom zelfstandig ontwikkelen volgens het bestemmingsplan of verkopen met de bestemming wonen. Hierover overweegt het hof: ‘Het hof vermoedt dat dit voor [appellante] tot een hogere opbrengst leidt dan verkoop tegen voortgezet agrarische gebruik, maar (mogelijk) een lagere opbrengst of hogere risico’s dan een onteigening kan leiden. Dat brengt echter niet mee dat de gemeente misbruik maakt van haar bevoegdheid de pachtovereenkomst te willen beëindigen. Een recht op onteigening bestaat niet. In deze procedure ligt die vraag bovendien niet voor. Tot slot is de gemeente wel bereid gebleken de eigendom van [appellante] minnelijk te verwerven.’

Slotsom

De slotsom is dat de kweker uiterlijk op 31 december 2020 het gepachte moet hebben ontruimd.

Juridisch advies of meer informatie?

Als u vragen heeft neem dan contact op met Egbert de Groot of Jeanny Romme

Meld u aan voor onze nieuwsbrieven